Tik op het gebied dat u wilt bekijken
Raadpleeg voor veilig en juist gebruik van de hierin genoemde producten de juiste Gebruiksaanwijzing of Gebruikershandleiding.
Vantive, Prismaflex, PrisMax, TherMax en TrueVue zijn handelsmerken van Vantive Health LLC of haar dochterondernemingen.
Wat is de communicatie-unit?
De communicatie-unit bestaat uit het touchscreen en het alarmstatuslampje van de machine. Het wordt gebruikt om alle systeeminformatie in te voeren en te ontvangen.
- DE STATUSLAMPJES
- DE SCANNER
- DE GEBRUIKERSINTERFACE
De statuslampjes
Alarmstatuslampje - een algemene indicatie van de bedrijfsstatus.
| GROEN: | Normale bedrijfsstatus en behandelingscondities |
| GEEL: | Medium prioriteit |
| ROOD: | Hoge prioriteit |
De scanner
De scanner bevindt zich bovenaan het apparaat.
Deze wordt gebruikt om de disposable sets te scannen tijdens de set-upmodus en kan de patiënt-ID scannen. Parameters en mogelijkheden worden vooraf ingevuld via barcode/QR-code.
De gebruikersinterface
Touchscreen display met intuïtieve afbeeldingen en pictogrammen met stapsgewijze instructies voor het bedienen van de PrisMax-machine.
Het touchscreen is opgebouwd rond 5 secties:
- TOOLBALK
Bevat verschillende knoppen voor toegang tot therapiegegevens en informatie over voorschriften - FLOWSNELHEDEN
Toont elke flowsnelheid met de mogelijkheid om de flowsnelheden te wijzigen - DRUKBALKEN
Geeft de huidige drukmeting, het bereik en de alarmgrenzen aan - EFFLUENT EN PFR DOSEERPARAMETERS
Toont de waarde van het voorschrift en wat er is geleverd - DRUKGESCHIEDENIS & LEVENSDUUR VAN DE SET
Toont het filterdrukverval en de TMP/TMPa-druk (indien van toepassing) over de laatste 6 behandelingsuren en de huidige set (uur:min).
Ga verder met de uitleg over het beheer van de bloedflow op het PrisMax-systeem.
Wat is bloedflowbeheer?
De sectie bloedflowbeheer van het PrisMax-systeem bestaat uit pompen, druksensoren en een ontluchtingskamer, die zich allemaal in het middenstuk van het apparaat bevinden.
- CARTRIDGE BEVESTIGEN & SETS LADEN
- BLOEDPOMP
- VLOEISTOFPOMPEN
- MONITORINGSYSTEEM
- KNIJPVENTIELEN
- DRUKSENSOREN
- SPUITPOMP
- BLOEDVERWARMER
Cartridge bevestigen & sets laden
-
CARTRIGEHOUDER
Houdt de cartridge in de disposable set. Past bij alle sets -
LIJNHOUDER
Ontworpen om lijnen van de disposable sets te bevestigen / te regelen
Bloedpomp
Pompt bloed door het bloedflowtraject van de disposable set.
Uitgevoerd in ml/minuut.
Kan 0-450 ml/min. verwerken, afhankelijk van de therapie-instelling en de gebruikte disposable set.
Vloeistofpompen
Regelt de flowsnelheden vanaf de weegschaal - leidt de verschillende oplossingen naar het filter en de bloedflow.
Uitgevoerd in ml/uur.
- EFFLUENTPOMP
Pompen ultrafiltraat/dialysaat. Het regelt de verwijdering van de vloeistof uit het filter en het ultrafiltraat van de patiënt.
Kleurcode GEEL om overeen te komen met de disposable set/weegschalen - PRE-BLOEDPOMP (PBP)
De vloeistof van de corresponderende weegschaal gaat vóór de BLOEDPOMP en het FILTER naar binnen. (Pompt vloeistof in de aanvoerlijn op een plaats nadat het bloed van de patiënt de lijn is binnengegaan en vóór de bloedpomp)
Kleurcode WIT om overeen te komen met de disposable set/weegschalen - DIALYSAATPOMP / SUBSTITUTIEPOMP 2
Uitvoeren CVVHD + CVVHDF:
Pompt dialysaatvloeistof in het vloeistofcompartiment van het filter
Uitvoeren CVVH: dient als SUBSTITUTIE 2 (Vloeistof in bloedflow)
Kleurcode GROEN om overeen te komen met de disposable set/weegschalen - SUBSTITUTIEPOMP
Brengt substitutievloeistof in het bloedcircuit. Afhankelijk van de voorgeschreven therapie, infuseert de pomp de vloeistof in het bloedcircuit pre-filter, post-filter, of beide. Dit wordt ingesteld met een knijpventiel
Monitoringsysteem
- HOUDER VOOR ONTLUCHTINGSKAMER
Door sommige handelingen tijdens de behandeling kan een kleine hoeveelheid lucht de set binnenkomen en het vloeistofniveau in de ontluchtingskamer wijzigen. De machine gebruikt de vloeistofniveausensor (Liquid Level Sensor, LLS) in de kamerhouder om de vloeistof te controleren en eventueel bij te stellen of te waarschuwen. - LUCHTBELDETECTOR (ABD)
Detecteert luchtbellen en microluchtbellen. Als dit wordt gedetecteerd, kan er een rood alarm afgaan (een veiligheidsfunctie) - lucht in bloed - en kan de TERUGGAVELIJNKLEM (zie punt #3) worden ingeschakeld.
Dient als veiligheidscontrole voor de ontluchtingskamerfunctie - TERUGGAVELIJNKLEM
De klem van de teruggavelijn sluit om te voorkomen dat er bloed of lucht naar de patiënt stroomt. De klem sluit automatisch als de stroom is uitgeschakeld, tijdens sommige zelftests of in geval van een mogelijk gevaar voor de veiligheid van de patiënt. Als u de lijnen onder de klem plaatst, wordt een detectieschakelaar voor lijnen ingeschakeld. - BLOEDLEKDETECTOR (BLD)
Bevat de effluentlijn - een sensor maakt het mogelijk om te controleren op/detecteren van bloed in de effluentlijn. Problemen met de therapie of het filter kunnen leiden tot bloed in de effluentlijn - ONTLADINGSRING
Houdt de effluentlijn van de disposable sets vast - ontworpen om statische elektriciteit die in het PrisMax-systeem wordt gegenereerd af te voeren en te aarden om mogelijke interferentie met andere (ICU) apparatuur te voorkomen.
Knijpventielen (boven & onder)
Regelt vloeistofstromen op basis van interactie en de keuze van de eindgebruiker voor therapie en vervangingsmodi.
Druksensoren
Bewaakt de druk in het systeem wanneer bloed en vloeistoffen door het systeem worden verplaatst.
- AANVOERDRUKSENSOR
Bewaakt de druk van de aanvoerlijn, hoeveel druk er nodig is om bloed door de vasculaire toegang, van de patiënt en in het filter te laten passeren - FILTERDRUKSENSOR
Bewaakt de druk van het bloed dat het filter binnenkomt. Het werkt met de teruggavedrukpoort (#4), die de teruggavedruk van het filter controleert.
Samen berekenen ze het filterdrukverval en hoe het filter werkt. - DRUKSENSOR VOOR EFFLUENT
Bewaakt de druk in de effluentlijn en de hoeveelheid druk die nodig is om de effluentflow over het membraan van de binnenkant van het filter naar de effluentzak te krijgen.
Helpt bij het berekenen van de transmembraandruk - TERUGGAVEDRUKPOORT
Wordt aangesloten op de drukbewakingslijn van de ontluchtingskamer op de disposable set. Een vloeistofbarrière aan het distale einde van de monitorlijn beschermt de teruggavedruksensor tegen accidenteel binnendringen van bloed. Maakt niet-invasieve bewaking van teruggavedruk mogelijk
Spuitpomp/-houder
Houdt de met oplossing gevulde spuit vast en controleert deze.
De spuit kan 20 ml of 50 ml bevatten (afhankelijk van de configuratie).
De spuit moet merkspecifiek (configuratieafhankelijk) zijn om in de spuithouder te passen.
Met oplossing gevulde spuit wordt gebruikt voor:
- Heparine: in systemische antistollingsmodus
- Calcium (Ca): met behulp van Citraat-Calcium software*
*Software niet goedgekeurd voor gebruik in de VS.
De TherMax bloedverwarmer
Een intelligent, zeer efficiënt bloedverwarmingsapparaat met een laag extracorporaal bloedvolume. Zodra de voorgeschreven temperatuur is ingevoerd, hoeft de gebruiker geen verdere management- of vermogensaanpassingen uit te voeren om deze temperatuur te handhaven.
Verwarmt het bloed tot de ingestelde temperatuur. Bloedtemperatuur tussen 35,0 C en 38,0 C.
Lampjes en pictogrammen op de bovenkant voor de bedieningsstatus, communiceren rechtstreeks met de PrisMax-machine.
Aangesloten op het PrisMax-systeem met een VGA-kabel op het achterpaneel (middelste aansluiting).
De TherMax disposable zak is ontworpen voor maximale warmteoverdracht van de verwarmer. Het heeft inlaat- en uitlaataansluitingen voor aansluiting op de disposable set.
Ga verder met de uitleg over het vloeistofbeheer op het PrisMax-systeem.
Wat is een vloeistofbeheersysteem?
Weegschalen houden de te gebruiken zakken met vloeistof vast. De weegschaalsoftware controleert het gewicht van elke vloeistofzak om de vloeistofstroom en de vochtafname patiënt (PFR) nauwkeurig te regelen.
- EFFLUENTWEEGSCHAAL
- PRE-BLOEDPOMP
- DIALYSAATWEEGSCHAAL
- SUBSTITUTIEWEEGSCHAAL
- AUTO-EFFLUENT-ACCESSOIRE (AE)
- LEKBAK
Kleurcodering, pictogrammen en geometrische vormen komen overeen met specifieke pompen en disposable sets. Corresponderend lampje voor elke weegschaal om de status aan te geven.
Effluentweegschaal
Kleurgecodeerd: GELE cirkel
De effluentweegschaal controleert het volume vloeistof dat tijdens de behandeling uit de patiënt komt. Deze weegschaal zorgt ervoor dat de effluentpomp de vereiste flowsnelheid handhaaft, berekend op basis van het ultrafiltraat en de hoeveelheid vervangende vloeistof.
Pre-bloedpomp weegschaal (PBP)
Kleurgecodeerd: WITTE driehoek
De PBP-weegschaal controleert het volume vloeistoffen dat wordt toegediend voordat het bloed het filter ingaat. Deze weegschaal speelt een cruciale rol bij therapieën die een vloeistofinfusie voor het filter vereisen, zoals anticoagulantia bij regionale citraatanticoagulatie. De PBP-weegschaal zorgt ervoor dat de juiste hoeveelheid vloeistof wordt toegediend, waardoor stolling wordt voorkomen en de functionaliteit van het systeem behouden blijft.
*niet goedgekeurd voor gebruik in sommige landen
Dialysaatweegschaal
Kleurgecodeerd: GROEN vierkant
Deze weegschaal is verantwoordelijk voor het bijhouden van het gewicht van de dialysaatoplossing, zodat de juiste hoeveelheid vloeistof wordt gebruikt tijdens de dialyse. Hoewel de dialyseweegschaal niet gebruikt wordt bij TPE, speelt deze een cruciale rol bij continue nierfunctievervangende therapie (Continuous Renal Replacement Therapy - CRRT) door de balans te beheren tussen het verwijderen van afvalstoffen en het toedienen van vocht.
Substitutieweegschaal
Kleurgecodeerd: PAARSE achthoek
De subsitutieweegschaal is essentieel voor het beheren van het gewicht en het volume van de substitutievloeistoffen die aan de patiënt worden toegediend. Deze weegschaal past zich aan verschillende containermaten aan, voor nauwkeurig vloeistofbeheer in stappen van slechts 10 ml. Het systeem zorgt ervoor dat de vloeistofvervanging in balans is met de afvoer van de effluent om de vochtbalans van de patiënt stabiel te houden.
Auto-effluent-accessoire (AE)
De auto-effluent-accessoire (AE) voert de effluentstroom naar een van de twee effluentzakken. Hierdoor kan het effluent in de ene zak stromen terwijl de andere zak leegloopt, waardoor het effluent continu wordt afgevoerd tijdens de behandeling. De auto-effluentdrainlijn leidt de vloeistof van de auto-effluentzakken naar de beschikbare afvoer, zodat de effluentzakken tijdens de behandeling niet hoeven te worden vervangen.
Lekbak
In de basis van PrisMax zijn een lekbak en een sensor geïntegreerd om lekkende vloeistoffen uit de vloeistofzakken of vloeistofcircuits te detecteren.
Er gaat een alarm af als gelekte vloeistof een vaste grens overschrijdt.
T1238 - Aanvoer extreem negatief
Definitie alarm
Zelf-verwijderend alarm dat aangeeft dat de aanvoerdruk de standaarddrempel van -250 mmHg heeft bereikt.
Mogelijke oorzaken
- Bewegingen van de patiënt, zoals hoesten of uitzuigen
- Afgeklemde of geknikte aanvoerlijn
- Kwaliteit van vasculaire toegang
- Verstopping of stolling in de katheter
Andere oorzaken/overwegingen
- Te hoge bloedflow
- Type set in gebruik
- Bloedkenmerken
Gebruikersinstructie
De PrisMax probeert het alarm zelf op te heffen - en indien mogelijk te wissen.
Als het zichzelf niet kan corrigeren, wordt het een T0775.
Zie T0775 voor verdere instructies.
T0775 - Aanvoer extreem negatief
Definitie alarm
Dit alarm is een vervolgalarm op het T1238-alarm en geeft aan dat zelf-verwijderen niet kon worden voltooid en dat de aanvoerdruk boven de standaarddrempel van -250 mmHg is gehouden.
Mogelijke oorzaken
- Bewegingen van de patiënt, zoals hoesten of uitzuigen
- Afgeklemde of geknikte aanvoerlijn
- Kwaliteit van vasculaire toegang
- Verstopping of stolling in de katheter
Andere oorzaken/overwegingen
- Te hoge bloedflow
- Type set in gebruik
- Bloedkenmerken
Gebruikersinstructie
- Pas de bloedflowsnelheid aan: Verlaag indien nodig de bloedflowsnelheid
- Controleer de katheter:
- Volg de ziekenhuisprotocollen om de katheter door te flushen of te verplaatsen als het vermoeden bestaat dat deze geblokkeerd of verstopt is.
- Zorg dat de katheter voldoende groot is voor de voorgeschreven bloedflowsnelheid - Knikken of afklemmen corrigeren
- Controleer of de aanvoerlijn goed is aangesloten op de katheter/bloedbron
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T1237 - Aanvoer extreem positief
Definitie alarm
Dit alarm geeft aan dat de aanvoerdruk de drempel van + 450 mmHg heeft overschreden.
Mogelijke oorzaken
- Bloedflowsnelheid te laag
Aanvoerlijn is geknikt of afgeklemd
Andere oorzaken/overwegingen
Extern apparaat (indien in gebruik): Levert bloed onder te hoge druk
Gebruikersinstructie
- Knikken of afklemmen corrigeren
- Overweeg de bloedflowsnelheid te verhogen om de aanvoerdruk te verlagen
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T0525, T1168, T1169 – Loskoppeling teruggave
Definitie alarm
Geeft een daling van de teruggavedruk onder het referentiedrukpunten aan.
Mogelijke oorzaken
- Losgekoppelde teruggavelijn
- Patiënt verplaatst of katheter is uit positie
- Ontkoppelde luchtkamermonitorlijn
- Afgeklemde vloeistoflijn
- Natte vloeistofbarrière
Andere oorzaken/overwegingen
- Kwaliteit van vasculaire toegang
- Teruggavedruksensor defect
Gebruikersinstructie
- Controleer of de patiëntkatheter goed is aangesloten
- Controleer of de teruggavelijn en kamerbewakingslijn goed zijn aangesloten.
- Verhelp geknikte of afgeklemde lijnen
- Overweeg de bloedflowsnelheid te verhogen
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T1145 - Aanvoer controleren
Definitie alarm
Het alarm wordt geactiveerd wanneer de aanvoerdruk afwijkt van het vastgestelde werkpunt zonder de drempel voor Extreem Negatief te bereiken.
Mogelijke oorzaken
- Kwaliteit van vasculaire toegang
- Patiënt verplaatst of katheter is uit positie
- Verstopping of stolling in de katheter
- Afgeklemde of geknikte aanvoerlijn
Andere oorzaken/overwegingen
- Te hoge bloedflow
- Type set in gebruik
- Bloedkenmerken
- Bloedflowpad is geblokkeerd na aanvoerdruksensor
Gebruikersinstructie
- Pas de bloedflowsnelheid aan: Verlaag indien nodig de bloedflowsnelheid
- Controleer de katheter:
- Volg de ziekenhuisprotocollen om de katheter door te spoelen of te verplaatsen als het vermoeden bestaat dat deze geblokkeerd of verstopt is.
- Zorg voor voldoende katheterafmetingen voor de voorgeschreven bloedflowsnelheid - Verhelp knikken of klemmen
T2315 - Schuim gedetecteerd
Definitie alarm
Dit alarm treedt op wanneer het systeem de aanwezigheid van schuim in de ontluchtingskamer vaststelt.
Mogelijke oorzaken
- Aanwezigheid van schuim in de ontluchtingskamer
- Schuimvorming kan het gevolg zijn van een luchtlek in de set. Het is belangrijk om de set te inspecteren op lekkage, vooral bij de aansluitingen op de aanvoerlijn.
Andere oorzaken/overwegingen
- Het verhogen van de infusiesnelheid van de post dilutie substitutievloeistof kan de hoeveelheid schuim verminderen.
- Tik op de knop Negeren om automatisch vloeistofnivelleren uit te schakelen
- Als negeren wordt opgeheven, wordt het automatisch nivelleren van de vloeistof in de kamer hervat.
T0781 - Hoge filterdruk
Definitie alarm
Het alarm geeft aan dat de druk in of over het hemofiltermembraan te hoog is, wat kan duiden op problemen zoals verstopping van het filter of onjuiste systeemconfiguraties.
Mogelijke oorzaken
- Afeklemde of geknikte lijn
- Hoge filterdrukdrukval die aangeeft dat de filterset gestold of verstopt is
Gebruikersinstructie
- Haal knikken uit de lijnen
- Overweeg een verlaagde bloedflowsnelheid (BFR)
- Filterset wijzigen - Tik op de knop Set weggooien en verwissel de set
Aanvullende informatie
- De maximale drukval is afhankelijk van het gebruikte filter
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T0782 - TMP-druk te hoog
Het alarm geeft aan dat de druk in of over het hemofiltermembraan te hoog is, wat kan duiden op problemen zoals verstopping (verzadiging) van het filter of onjuiste systeemconfiguraties.
Mogelijke oorzaken
- Hoge transmembraandruk (TMP) door een eiwitcoating aan de bloedzijde van het membraan die leidt tot een afname van de membraanpermeabiliteit (verstopping)
- Hoge filterdrukdaling die aangeeft dat de filterset geblokkeerd of verstopt is
- Geknikte lijnen
Gebruikersinstructie
- Filterset wijzigen - Tik op de knop Set afvoeren en verwissel de set
- Haal knikken uit de lijnen
- Antistolling controleren
- Overweeg een verlaging van de bloedflowsnelheid (BFR)
Aanvullende informatie
- Maximale TMP-limiet in CRRT-filters is 300mmHg
- De maximale drukdaling is afhankelijk van het gebruikte filter
T0786 - Membraandrukverhoging (CRRT)
Het alarm duidt op een drukverhoging over het membraan van het systeem.
Mogelijke oorzaken
- Afgeklemde of geknikte lijn
- Inadequate antistolling
- Luchtlek bij filter of teruggavedruksensor
- Hoog flowsnelheid Sub, PBP of PFR
- Te hoge bloedflowsnelheid
Gebruikersinstructie
- Verhelp geknikte of afgeklemde lijnen
- Controleer op luchtlekkage bij filter of teruggavedruksensor
- Overweeg PFR-, Sub- of PBP-flowsnelheden te verlagen
- Overweeg de bloedflowsnelheid te verlagen
Aanvullende informatie
- Beoordeel antistollingsvereisten volgens het ziekenhuisbeleid
T2125 - Zak op verkeerde weegschaal
Definitie alarm
Het alarm geeft aan dat de PrisMax een onverwachte gewichtsverandering op de effluentweegschaal heeft gedetecteerd.
Mogelijke oorzaken
- Onverwacht gewicht op auto-effluent (AE) weegschaal
- Effluentzak ligt op de verkeerde weegschaal
- Object hangt aan de auto-effluent (AE) weegschaal
Gebruikersinstructie
- Controleer of er niets aan de auto-effluent (AE) weegschaal hangt of aanraakt.
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T0823 - Waarschuwing flowprobleem vloeistofzak
(T0824, T0935, T1069, T1070)
Definitie alarm
De alarmen geven aan dat de zak met vloeistof niet wordt geleegd zoals verwacht.
(Zie scherm om lijn te identificeren)
Mogelijke oorzaken
- Vloeistoflijn(en) zijn geknikt, afgeklemd of aangesloten op de verkeerde zak(ken)
- Vloeistofzak raakt een ander voorwerp, lekt of hangt aan de verkeerde weegschaal
Gebruikersinstructie
- Verhelp geknikte of afgeklemde lijnen
- Controleer de aansluitingen van de lijnen
- Verwijder elk voorwerp dat de zak aanraakt
- Controleer de zak op lekken
- Controleer of de zak op de juiste weegschaal hangt
Aanvullende informatie
- Meerdere flowalarmen dragen bij aan de limiet voor vloeistofverlies/-toename. Zodra de maximale vloeistofverlieslimiet is bereikt, wordt de therapie onderbroken en moet de set worden vervangen.
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T0822 - Waarschuwing flowprobleem EFFLUENTZAK
(T2161, T2160)
Definitie alarm
Deze alarmen geven aan dat de effluentzak niet wordt gevuld of dat de AE-set niet leegloopt.
Mogelijke oorzaken
- Gele effluentlijn is geknikt, geklemd of aangesloten op de verkeerde zak
- Effluentzak raakt een ander voorwerp, lekt of hangt aan de verkeerde weegschaal
- Als u een AE-set gebruikt, controleer dan de AE-zak op vuil.
Gebruikersinstructie
- Verhelp geknikte of afgeklemde lijnen
- Controleer de aansluitingen van de lijnen
- Verwijder elk voorwerp dat de zak aanraakt
- Controleer de zak op lekken. Verwissel de zak indien nodig
- Controleer of de zak op de juiste weegschaal hangt
Aanvullende informatie
- Meerdere flowalarmen dragen bij aan de limiet voor vloeistofverlies/-toename. Zodra de maximale vloeistofverlieslimiet is bereikt, wordt de therapie onderbroken en moet de set worden vervangen.
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T1772, T1073, T1074, T1075 - Alarm lijn afgeklemd
Definitie alarm
De alarmen geven aan dat een vloeistoflijn is afgeklemd of losgekoppeld. (Zie scherm om lijn te identificeren)
Mogelijke oorzaken
- Lijn wordt afgeklemd
- Lijn is losgekoppeld
- Afgeknikte of verstopte lijn
Andere oorzaken/overwegingen
- Als een van deze alarmen optreedt in PRIME, controleer dan of bovenstaande oorzaken zijn verholpen
- Als het alarm aanhoudt in PRIME, kunt u overwegen een nieuwe set te gebruiken.
Gebruikersinstructie
- Controleer of de lijnen niet geknikt of afgeklemd zijn.
- Controleer of alle aansluitingen correct zijn, inclusief zakken
- Controleer of de slanglussen correct in de pomp zijn geplaatst.
- Als de set beschadigd is, moet u deze weggooien en vervangen door een nieuwe.
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T2309 - Lucht gedetecteerd bij primen
Definitie alarm
Het alarm geeft aan dat er lucht is gedetecteerd in de teruggavelijn tijdens de prime-procedure van de PrisMax.
Mogelijke oorzaken
- Lucht aanwezig: Er is daadwerkelijk lucht aanwezig in de teruggavelijn tijdens het primen.
- Priming-oplossing: De zak die wordt gebruikt voor het primen van het systeem is leeg.
Onvoldoende primingoplossing beschikbaar aan het einde van de cyclus
Andere oorzaken/overwegingen
- De LLS-sensor (Lower Liquid Level Sensor) is mogelijk per ongeluk ingeschakeld tijdens de primingcyclus.
Gebruikersinstructie
- Primingzak controleren - indien nodig vervangen
- Controleer de aansluitingen - controleer of er zich geen lucht bevindt tussen de ABD en het patiëntuiteinde van de teruggavelijn.
- De set opnieuw primen of weggooien
- Als er lucht blijft, moet u de set weggooien
Aanvullende informatie
- Klem ongebruikte lijnen af nadat het primen is voltooid en voordat de behandeling van de patiënt begint. Een zak met zoutoplossing mag aan de PBP worden gehangen als hij niet wordt gebruikt.
T0608 - Verkeerde set gedetecteerd
Definitie alarm
Het alarm geeft aan dat er een verkeerde set is geladen of dat onderdelen niet goed zijn bevestigd tijdens het instellen.
Mogelijke oorzaken
- Verkeerde set geladen
- Teruggavedruksensorlijn niet aangesloten
- Teruggavelijn niet in klem
- Lijnsegmenten of lijnen worden niet goed geladen
- Pompsegmenten niet goed in rotoren en toevoerkanalen geplaatst
Gebruikersinstructie
- Juiste set laden
- Controleren op juist laden van de lijnsegmenten of lijnen
- Controleer de aansluiting van de teruggavedruksensorlijn en of de teruggavelijn goed in de teruggaveklem is geplaatst.
- Controleer op afgeklemde of geknikte dialysaat- of substitutielijnen
- Controleer of de pompsegmenten correct in de rotoren en toevoerkanalen zijn geplaatst.
Software editie 3.5
Als pompslangsegmenten of -lijnen niet goed zijn geladen, tik dan op Set ontladen om de set te ontladen. Nadat de set is ontladen, tik op Set laden om de set opnieuw te laden. Tik op Opnieuw testen om het alarm te wissen en de herkenningstest opnieuw uit te voeren.
T1313 - Normalisatie bloedlekdetector (BLD) mislukt
Definitie alarm
Het alarm duidt op een normalisatiefout in de BLD. Dit gebeurt wanneer het systeem niet in staat is om het signaal van de detector te normaliseren naar een basiswaarde.
Mogelijke oorzaken
- Effluentlijn verkeerd geïnstalleerd
- Effluentlijn afgeklemd
- Luchtbellen in de effluentlijn
- Vuile effluentlijn
- Vuile BLD spiegels
Gebruikersinstructie
- Controleer op afgeklemde effluentlijn
- Schuif de slang heen en weer in de bloedlekdetector (BLD).
- Knijp de luchtbellen uit de teruggavelijn
- Verwijder de effluentlijn en reinig deze met een alcoholdoekje
- Maak de BLD-spiegel schoon met een pluisvrije doek en isopropylalcohol.
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T0853 - Gefaald alarm bij normalisatie bloedlekdetector (BLD) tijdens therapie
Definitie alarm
Het alarm duidt op een normalisatiefout in de BLD tijdens therapie. Dit gebeurt wanneer het systeem niet in staat is om het signaal van de detector te normaliseren naar een basiswaarde.
Mogelijke oorzaken
- Lijnen verkeerd geïnstalleerd in de BLD
- Lijn is troebel of er zit vuil in
- Lucht in de effluentlijn
- Het verkeerde stuk lijn is geïnstalleerd in de BLD
- BLD optiek is vervuild
- Er is bloed aanwezig in de effluentlijn
Gebruikersinstructie
- Controleer of de effluentlijn correct is geïnstalleerd in de BLD
- Verwijder luchtbellen uit de effluentlijn
- Schuif de lijn in de BLD om het detectiesignaal te verhogen
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T2315 - Schuim gedetecteerd
Definitie alarm
Het alarm treedt op als de PrisMax de aanwezigheid van schuim in de ontluchtingskamer detecteert.
Mogelijke oorzaken
- Aanwezigheid van schuim in de ontluchtingskamer
- Schuimvorming kan het gevolg zijn van een luchtlek in de set. Het is belangrijk om de set te inspecteren op lekkage, vooral bij aansluitingen op de aanvoerlijn.
Andere oorzaken/overwegingen
- Als het schuim de vloeistofbarrière bereikt, kan het de teruggavedrukbewaking verstoren en alarmen veroorzaken.
Gebruikersinstructie
- Het verhogen van de post substitutieflow kan de hoeveelheid schuim verminderen.
- Tik op de knop bypass om automatisch vloeistofnivelleren uit te schakelen
- Als de bypassknop wordt gewist, wordt het automatisch nivelleren van de vloeistof in de kamer hervat.
T0830 - Bloedlek gedetecteerd
Definitie alarm
Het alarm geeft aan dat de PrisMax de mogelijke aanwezigheid van bloed in de effluentlijn heeft gedetecteerd, wat duidt op een mogelijk bloedlek, bijvoorbeeld veroorzaakt door een gescheurd filtermembraan.
Mogelijke oorzaken
- Lek in filtermembraan
- Lijn verkeerd geïnstalleerd in de bloedlekdetector (BLD)
- Lijn is troebel of er zit vuil in
- Lucht in de effluentlijn
- Het verkeerde stuk lijn is in de bloedlekdetector (BLD) geplaatst.
- Optiek van bloedlekdetector is vervuild
Gebruikersinstructie
- Controleer op geknikte effluentlijn
- Controleer de bloedlekdetector op luchtbellen in de effluentlijn
- Controleer of de effluentlijn correct is geïnstalleerd in de bloedlekdetector (BLD)
- Controleer op vloeistof of vuil in het lijntraject van de bloedlekdetector (BLD) en de effluentlijn: reinig met een pluisvrije doek en droog daarna grondig af.
Aanvullende informatie
Als er opnieuw luchtbellen zijn, controleer dan of de effluentlijn geknikt is of verlaag de bloedflowsnelheid (BFR). Vervang de set als er bloed in de effluentlijn zit. Stuur een monster van de effluent naar het laboratorium om de cellen te tellen. De ziektetoestand van de patiënt kan een verkleuring van het effluent veroorzaken, wat wijst op verwijderde vrije hemoglobine in plaats van een bloedlek in het filtermembraan. Druk op Negeer en stuur het effluentmonster naar het laboratorium voor een celtelling. Vervang de set als het resultaat de aanwezigheid van bloedcellen bevestigt. Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt. Tik op de knop Doorgaan om het alarm te wissen en terug te keren naar de normale werking als er geen bloed aanwezig is. Volg het beleid en de procedures van het ziekenhuis.
T0792 - Lucht gedetecteerd in bloed
Definitie alarm
Als de ontluchtingskamer niet alle lucht uit de retourlijn kan verwijderen voordat de lucht de luchtbeldetector (Air Bubble Detector, ABD) bereikt, stopt het systeem alle pompen, waarschuwt het voor lucht in het bloed en sluit het de teruggaveklem.
Mogelijke oorzaken
- Lekkende of losgekoppelde katheter
- Lucht vanuit een zak, bloedwarmer, spuitlijn, toegangs- of PBP-lijnen
- Set niet volledig geprimed
Gebruikersinstructie
- Plaats de katheter opnieuw volgens het ziekenhuisprotocol
- Inspecteer de hele set op lekken of losgeraakte aansluitingen
Aanvullende informatie
Als er lucht aanwezig is in de hele teruggavelijn: vervang de set.
Als er na het volgen van de instructies op het scherm nog steeds lucht in de kamer aanwezig is of als het alarm opnieuw optreedt, moet u het alarm ongedaan maken en doorgaan met de handmatige luchtverwijdering.
Benodigde uitrusting:
- Gesteriliseerde injectiespuit met naald van 21 gauge (of kleinere diameter).
Volg deze stappen om handmatig lucht uit bloed te verwijderen:
- Reinig de blauwe monsterplaats op de teruggavelijn
- Steek een 21-gauge (of kleinere diameter) naald met spuit in de blauwe monsterplek teruggavelijn)
- Zuig lucht/bloed op totdat de teruggavedruk een negatieve waarde bereikt (0 tot -100 mmHg).
- Verwijder de naald
- Tik op de knop Lucht verwijderen om lucht te verwijderen en bloed van de patiënt in de teruggavelijn/ontluchtingskamer te zuigen.
- Controleer of het alarm stopt en de klem van de teruggavelijn opengaat. Lucht in de teruggavelijn wordt in de kamer gezogen en automatisch uit de set verwijderd via de teruggavedrukpoort. Er wordt ook bloed afgenomen bij de patiënt in de teruggavelijn en ontluchtingskamer.
T2281 - Zak niet gedetecteerd tijdens priming
Definitie alarm
Het alarm wordt geactiveerd wanneer de Thermax bloedverwarmer disposable zak niet wordt gedetecteerd tijdens de priming.
Mogelijke oorzaken
- Verwarmer disposable niet gedetecteerd
Gebruikersinstructie
- Zorg ervoor dat de zak soepel wordt ingebracht en niet gaat oprollen of vast komt te zitten tijdens het inbrengen.
- Controleer of de verwarmer disposable helemaal naar binnen is geschoven.
- Controleer of het slot volledig functioneert en gesloten is Geen resten reinigingsmiddel of condens op de verwarmingsplaten aan het einde van de LED's.
- Indien aanwezig, drogen en verwijderen met goedgekeurde reinigingsmiddelen
- Annuleer priming en laad de verwarmer opnieuw
Aanvullende informatie
- Als bovenstaande stappen zijn doorlopen en u kunt nog steeds niet verder, informeer dan de afdeling Medische Techniek
Zodra het probleem is opgelost, kan de knop 'Doorgaan' worden ingedrukt.
T2284 - Zak niet gedetecteerd tijdens therapie
Definitie alarm
Dit alarm wordt geactiveerd wanneer de bloedverwarmer disposable zak niet wordt gedetecteerd tijdens de therapie.
Mogelijke oorzaken
- Verwarmer disposable niet gedetecteerd
Andere oorzaken/overwegingen
- Open de bloedwarmer niet en ontgrendel de zak niet tijdens de behandeling
Gebruikersinstructie
- Controleer of de verwarmer disposable helemaal naar binnen is geschoven.
- Open de bloedwarmer niet en ontgrendel de zak niet tijdens de behandeling
- Tik op de knop Set afvoeren en verwissel de set. Stop de therapie als dit niet kan worden opgelost
Disposable sets aansluiten
Krijg een overzicht van de principes achter de disposable filterset en hoe deze wordt aangesloten op de PrisMax-machine.
De lijnen
-
PBP-LIJN (WIT GESTREEPT)
Deze lijn voert de voorgeschreven infuusoplossing van de zak op de PBP-weegschaal naar de aanvoerlijn. Als citraatantistolling wordt gebruikt, levert de PBP-lijn de citraatvloeistof. -
SUBSTITUTIELIJN (PAARS GESTREEPT)
Levert de substitutievloeistof van de zak op de substitutieweegschaal naar het bloedflowtraject. Deze lijn wordt niet bij alle therapieën gebruikt. -
DIALYSE/SUBSTITUTIE 2 LIJN (GROEN GESTREEPT)
Deze lijn, die uniek is voor CRRT-sets, voert de vloeistof van de groene weegschaal naar het vloeistofcompartiment van het filter (voor dialysaat) of naar het bloedflowpad (voor substitutie 2). -
EFFLUENTLIJN (GEEL GESTREEPT)
Transporteert ultrafiltraat en verbruikt dialysaat van het vloeistofcompartiment van het filter naar de effluentzak. -
AANVOERLIJN (ROOD GESTREEPT)
Transporteert bloed van de bloedaanvoer naar het filter. -
TERUGGAVELIJN (BLAUW GESTREEPT)
Transporteert bloed van het filter terug naar de patiënt. -
SPUITLIJN
Deze lijn wordt gebruikt voor systemische antistolling en transporteert antistollingsmiddel van de spuit naar het bloedflowpad. Het bevat een terugslagklep om te voorkomen dat er bloed in de spuit terechtkomt.
*niet goedgekeurd voor gebruik in sommige landen
Monsterafnamepunten & drukkoepels
-
MONSTERAFNAMELOCATIES
Poorten met kleurcodering voor het invoeren van naalden om vloeistof- of bloedmonsters te nemen. Deze zijn geschikt voor een naald met een diameter van 21 gauge of kleiner, bevestigd aan een injectiespuit. -
DRUKPODS
Drie ronde sensoren (aanvoer, filter en effluent) die een membraan bevatten en in een druksensorbehuizing op de bedieningseenheid passen, waardoor niet-invasieve drukbewaking mogelijk is.
Filter- en ontluchtingskamer
-
FILTER
De eigenschappen van het filter variëren afhankelijk van de gebruikte disposable set. Specifieke details worden gegeven in de therapiebeschrijvingen. -
ONTLUCHTINGSKAMER
Geplaatst op de teruggavelijn kan het systeem lucht beheren en een substitutievloeistof toevoegen na het filter aan de teruggavelijn (blauw gestreept). -
KAMERMONITORLIJN
Verbindt de ontluchtingskamer met de teruggavedrukpoort, zodat drukbewaking en luchtverwijdering mogelijk zijn. Het bevat een vloeistofbarrière die beschermt tegen contaminatie.
Cartridge & pompsegmenten & ontladingsring
-
CARTRIDGE
Het plastic onderdeel van de disposable set, met lijnsegmenten voor de pompen en knijpventielen. Het dekt de vloeistof- en bloedpompen af wanneer ze geïnstalleerd zijn en vergemakkelijkt het automatisch laden/lossen van de set. -
POMPSEGMENTEN
Lijnlengtes die in het toevoerkanaal van elke pomp passen (bloed, PBP, dialysaat, substitutie en effluent). Ze worden automatisch geladen wanneer de cartridge wordt geïnstalleerd in de lader op het voorpaneel. -
RING VOOR ELEKTROSTATISCHE ONTLADING
Ontlaadt elektrostatische spanning van de set, die artefacten op hartmonitoren kan veroorzaken.
Barcode
Scan de unieke barcode om zeker te weten dat de filterset overeenkomt met het type set dat is geselecteerd in het SETUP-menu op de PrisMax.
Uitgepakte set
De filterset bevat het filtermembraan, het filterhuis en alle benodigde aansluitingen.
Disposable lijnenset en -aansluitingen komen overeen met poorten, klemmen, pompen en bijbehorende schalen en zijn kleurgecodeerd om intuïtief aansluiten te vergemakkelijken.
Filterset aangesloten
Bevestig de filterset op de lader.
Installatie-instructies op het scherm
Zodra de filterset is bevestigd, begeleiden stapsgewijze instructies op het scherm het aansluiten van de onderdelen.
Tik op de overeenkomstige blauwe cirkel om extra informatie over de specifieke verbinding te bekijken.
Componenten aansluiten
Vinkjes op het scherm geven aan dat de onderdelen correct zijn aangesloten.
Als alle onderdelen van de set zijn aangesloten, tikt u op 'Set laden' om de set te laden.
De machine inschakelen
-
SLUIT HET NETSNOER AAN OP EEN WISSELSPANNINGSBRON
(Netsnoeren zijn landspecifiek) -
DRUK OP DE GROENE AAN/STAND-BY KNOP OP HET VOORPANEEL OM DE BEDIENINGSEENHEID IN TE SCHAKELEN.
-
DE BEDIENINGSEENHEID START OP EN HET STARTSCHERM VERSCHIJNT
De machine inschakelen
AAN/STANDBY KNOP
Hiermee wordt het PrisMax-systeem ingeschakeld of in stand-by gezet. Als het systeem aan staat, zijn het display en alle elektronica ingeschakeld. Ingedrukt houden om naar stand-by te gaan. Wanneer het systeem in stand-by staat, is alle elektronica uitgeschakeld, behalve de voeding en het opladen van de batterij.
STROOMINDICATOR (GROEN)
Wisselstroom (AC) of batterijvoeding aangesloten op het systeem. Aan: systeem draait op wisselstroom. Uit: geen wisselstroom. Knippert: werkt op batterij of wordt opgeladen tijdens stand-by.
STOPKNOP
Stopt alle motoren en sluit de teruggaveklem. Dit biedt een onafhankelijke manier om het apparaat te stoppen als het scherm uitvalt.
STOPINDICATOR (GEEL)
Bedieningseenheid is gestopt (alle pompen gestopt).
Het hoofdbedrijfsscherm
Het bedrijfsscherm is het startscherm tijdens de therapie.
Tik of druk op het touchscreen om tools en functies te openen en te bedienen.
- TOOLBALK
- HOOFDSCHERM - FLOWSNELHEDEN / FILTER- EN ZAK INSTALLATIE (INCLUSIEF THERMAX)
- BEDRIJFSPARAMETERS
Toolbalk - Therapiestand
-
Toont geselecteerde behandelingsmodus en antistollingsmodus
-
Tik om het huidige voorschrift ter controle weer te geven
-
Tik op PATIENT om het gewicht en hematocriet van de patiënt te wijzigen.
-
Knopstanden: INSTELLING, THERAPIETYPE & EINDE
Toolbalk - Alarm
De toolbalk kan de volgende opties bevatten - maar niet alle knoppen verschijnen in alle situaties.
Bypass - uitschakelen. Afhankelijk van het type alarm/ernst.
|
Dit wordt weergegeven als een actief alarm geminimaliseerd/gedockt is.
|
|
|
Dit wordt weergegeven als een alarm wordt opgeheven of uitgeschakeld.
|
Toolbalk - Geschiedenis
Tik op GESCHIEDENIS om het scherm GESCHIEDENIS te openen. Actief tijdens THERAPIE of EINDE modus.
Toolbalk - Geschiedenis
Tik/druk om toegang te krijgen:
- Voorschrift - om de voorschriftgeschiedenis te bekijken
- Dosis - om de toegediende dosis te bekijken; percentage toegediend en in DAGELIJKSE, LAATSTE 24 UUR en TOTAAL intervallen.
- PFR - Overzicht vochtafname patiënt in intervallen: 1 uur, 8 uur, 24 uur en TOTAAL
- Gebeurtenissen - Gebeurtenissenlogboek; overzicht van alle automatisch gelogde gebeurtenissen sinds het begin; met tijdsaanduiding. Gebeurtenissen kunnen worden gesorteerd op soorten gebeurtenissen
- Druk - Drukgrafiek; bekijk de drukniveaus in de loop van de tijd (trends). Selecteer een of meer pompen om de grafiek te vullen
- Temperaturen - Temperatuurgrafieken: bekijk temperatuurniveaus in de loop van de tijd; selecteer een of meer TherMax-temperatuursensoren om de grafiek te vullen
Werkbalk - Tools
Tik op het pictogram om het menu TOOLS te openen.
Biedt toegang tot tools voor het afhandelen van geselecteerde problemen
- Selecteer een tool door erop te tikken
- Instructies beschikbaar voor alle tools
Toolbalk - Systeemconfiguratie
- Display - helderheid en statuslichtmodus instellen en aanpassen
- Geluid - volume instellen en aanpassen voor niet-essentiële alarmen
- Systeeminfo - geselecteerde informatie over het apparaat; onderhoudsgegevens, softwareversie, serienummer en ingeschakelde accessoires op de machine
- USB importeren/exporteren - servicescherm voor USB-poortopties
Toolbalk - Vergrendelen
Tik/druk op om het aanraakscherm te vergrendelen.
Als u deze knop selecteert in het menu TOOLS, kunt u een schermafbeelding maken.
Er worden instructies gegeven om het scherm te ontgrendelen als het slot wordt gebruikt.
Toolbalk - Help
Tik op het pictogram om geselecteerde onderwerpen en relevante informatie te openen.
- Afkortingen
- Knoppen
- Symbolen
- Therapieën
- Setup
- Bedrijfsmodus
- Onderhoud
Toolbalk - Datum/tijd/vermogen
Toont de huidige datum en tijd.
Toont stroombron (AC of batterij) en batterijniveau.
De knop verandert van titel en functie afhankelijk van de bedieningsmodus
STOP
EINDE
ANNULEREN
In de THERAPIE-modus stopt de STOP-knop alle motoren en sluit hij de TERUGGAVEKLEM.
Hoofdbedrijfsscherm - Flowsnelheden
Toont pompen en flowsnelheden in een schematische lay-out die overeenkomt met de opstelling van de filterset.
- Flowsnelheden aanpassen en wijzigen: Patiëntgewicht, behandelingsmodus en filterspecifieke flowsnelheidslimieten worden vooraf ingesteld voor elke pomp
- Druk op / markeer relevante pomp om wijziging toe te staan
- Gebruik het draaiwiel of de knoppen om te selecteren en aan te passen
- Pre-settings met MINIMUM/MAXIMUM niveau en een AANBEVOLEN niveau
Hoofdscherm - Zakstatus
Druk op het BLAUWE vlak op het scherm om schema's van de vloeistofzakken te zien.
Als de Auto Effluent set wordt gebruikt, kan deze tijdens de behandeling worden gewijzigd door de optie AE set wijzigen te selecteren.
Het toont de resterende tijd van elke zakvervanging voordat deze moet worden vervangen in uren en in resterende minuten als er minder dan een uur resteert.
Druk/klik op het relevante zakpictogram voor het instructiescherm ZAK WIJZIGEN.
Hoofdscherm - TherMax
Bekijk de huidige temperatuur die is ingesteld voor de TherMax bloedverwarmer.
Druk/tik op het vakje TherMax om de bloedverwarmer in en uit te schakelen en de temperatuur aan te passen.
Bedrijfssparameters
Het gedeelte Bedrijfsparameters is opgebouwd rond 5 secties:
- DRUKBALKEN
Geeft drukbalken, TOEGANG, TERUGGAVE, ΔP (filterdrukval) TMP (transmembraandruk) weer. De drukbalken geven het huidige drukmeetniveau (witte pijlen), het bedrijfsbereik en de alarmgrenzen aan, inclusief de weergegeven numerieke drukniveaus. - ENKELVOUDIGE GEGEVENS
Enkelvoudige gegevens: FILTER (filterdruk), EFFLUENT (effluentdruk) = berekende waarden van drukbalken. PFHct (postfilter hematocriet). - EFFLUENTDOSERING
Toont de waarde van het voorschrift en wat er is geleverd (voor een meer gedetailleerde weergave = GESCHIEDENIS). - PFR (VOCHTAFNAME PATIËNT)
Volume vloeistof dat bij de patiënt is verwijderd (voor meer gedetailleerde weergave = GESCHIEDENIS). - DRUKHISTORIE GRAFIEK
Toont het filterdrukverval en de TMP/TMPa-druk (indien van toepassing) over de laatste 6 behandelingsuren en de levensduur huidige set (uur:min). Toont ook de levensduur van de set.
Drukbalken
Drukwaarden worden weergegeven in de vorm van drukbalken en cijfers.
De drukbalken geven de huidige drukmeting, het werkbereik en de alarmgrenzen aan. De gebruikte therapie bepaalt welke drukbalken worden weergegeven.
Drukbalken - schema's
De drukken worden weergegeven in een vorm met het normale werkbereik (groen), adviserende drukniveaus (geel) en waarschuwingslimietniveaus (rood).
Witte pijlen geven het huidige niveau aan.
Er wordt ook een numeriek drukniveau weergegeven.
Drukbalken zijn grijs wanneer het werkbereik wordt vastgesteld en tijdens zelftests.
Het bedrijfsscherm toont gegevens die tijdens de behandeling worden gecontroleerd.
Drukbalken - werkpunt
Tijdens de behandeling slaat de software voor elke druk een referentiedrukwaarde op, het drukwerkpunt. De machine vergelijkt voortdurend de actuele druk op elke meetlocatie met de referentiewaarde om veranderende drukomstandigheden te detecteren.
Drukpunten worden voor het eerst ingesteld kort nadat de behandeling is begonnen.
Om de nauwkeurigheid van de drukmeting tijdens de behandeling te behouden, moet de machine
de referentiewaarden aanpassen nadat een van de volgende gebeurtenissen heeft plaatsgevonden:
- Verandering in bloedflowsnelheid
- Herstart bloedpomp
- Reset alarm
- Zelftest
Drukbalken - functionaliteit
AANVOER- en TERUGGAVE-druk (groene status)
De normale aanvoerdruk kan negatief of positief zijn, afhankelijk van de aanvoeraansluiting. De normale teruggavedruk is nominaal positief.
Het normale aanvoer- en teruggavegebruiksbereik wordt ingesteld vanaf het bedieningspunt:
Voor bloedflowsnelheden <200 ml/min is het werkpunt ±50 mmHg; voor bloedflowsnelhedenen >200 ml/min of meer is het werkpunt ±70 mmHg van het berekende drukpunt. Als de werkwaarde (witte pijlen) binnen het "groene" bereik blijft, werkt de therapie zonder alarmen.
AANVOER- en TERUGGAVE-druk (gele en rode status)
Als de werkdrukken buiten het normale werkbereik komen (groen), gaat er een alarm af om de gebruiker hiervan op de hoogte te stellen.
Er wordt een advies- of waarschuwingsalarm afgegeven voor het "gele" adviesdrukbereik.
Er wordt een waarschuwingsalarm gegeven voor het "rode" drukbereik.
Drukbalken - functionaliteit
CRRT: TMP (transmembraandruk) ΔP (filterdrukverval)
TPE: TMPa (toegangstransmembraandruk) ΔP (filterdrukverval)
De machine gebruikt de drukgegevens om ΔP, TMP of TMPa te berekenen.
ΔP wordt berekend om de drukcondities in het bloedcompartiment van het filter te bepalen wanneer het bloed door het filter beweegt.
TMP (CRRT) is de toegepaste druk over het filtermembraan tijdens werking en toont het drukverschil tussen de bloed- en vloeistofcompartimenten.
TMPa (TPE) is het drukverschil tussen de bloed- en vloeistofcompartimenten aan de inlaatzijde van het filter.
Het apparaat, de set en het therapietype bepalen de standaard drukalarmgrenzen.
ΔP, TMP en TMPa druk (groene toestand)
Het filter werkt binnen de normale parameters die zijn ingesteld voor het gebruikte filter.
ΔP, TMP en TMPa druk (gele en rode toestand)
Als de druk evolueert of zich beweegt in de richting van de "gele" of "rode" gebieden, worden deze berekende drukken gebruikt om een melding te geven over stolling of verstopping van de membraanporiën in het filter en, als deze verstopping groot genoeg is, een melding te geven dat de instelling moet worden gewijzigd.
De elementen van het achterpaneel
-
ETHERNETAANSLUITING
-
SERIËLE POORTEN
Aansluitingen voor gegevensuitwisseling -
USB-POORT
-
AANSLUITING VOOR WIFI-ANTENNE
WIFI-connectiviteit inschakelen (optioneel voor TrueVue-connectiviteit) -
CONNECTOR VOOR ALARM OP AFSTAND
Om verbinding te maken met het oproeplichtsysteem of het alarmsysteem van het ziekenhuis -
HANDSLINGER
Maakt handmatige pompbediening mogelijk om bloed terug te voeren naar de patiënt of om vloeistofpompen te draaien. Alleen voor noodsituaties -
VOEDINGSAANSLUITING
Aansluiting voor wisselstroom -
SERIENUMMER
Uniek serienummer van de machine